16 augustus 2010 · 00:00 · door Daantje

De Oorsprong der Pruimen

9 beelden 5 reacties

(Naar gegevens van van Prof Dr. Walter Hartmann van de Universiteit Hohenheim, Stuttgart) Indeling der soorten Alle pruimen hebben x = 8 chromosomen Kerspruimen of myrobolanen (Prunus cerasifera) hebben 16 chromosomen, 2 x 8 (diploid) Sleepruimen, sleedoorns (Prunus spinosa) hebben er 32, 4 x 8 (tetraploid). Uit natuurlijke kruising van kers – en sleepruimen ontstond de Prunus domestica (pruimen en kwetsen) 16 + 32 = 48 chromosomen, 6 X (hexaploid). Deze stelling wordt al 100 jaar aangenomen. Het bewijs werd in 1936 geleverd door V.A. Rybin. Alhoewel hij in de Kaukasus geen dergelijke exemplaren vond, bekwam hij door kruising van kers- en sleepruimen pruimen die sterk op de gekweekte rassen leken. Een andere theorie verklaart het ontstaan van de cultuurpruim door mutaties van de kerspruim. In 1991 werden in de Kaukasus polyploïde kerspruimen en sleepruimen met meer dan 4 x 8 chromosomen gevonden. Ze onderscheiden zich door grotere, zoetere vruchten met minder looistoffen. De bladeren en knoppen zijn even groot als bij de cultuurpruimen. Dit zijn spontane, natuurlijke kruisingen. De drie hoofdgroepen der pruimen gebaseerd op het chromosomenaantal

1. Diploïde pruimen (16 chromosomen.):

de kerspruimen of myrobolanen (Frans: myrobolan. In het Duits schrijft men Myrobalanen); en talrijke Aziatische en Amerikaanse pruimen.

2. De tetraploïde sleeën, sleedoorns.

3. Hexaploïde soorten: de Europese cultuurpruim (Prunus domestica) en de Prunus insititia.

Daar de meerderheid van deze pruimen kunnen kruisen en dit gebeurt in de vrije natuur altijd weer, aldus bestaan er een veelvoud van bastaarden, wat de indeling niet gemakkelijker maakt.

Wildvormen

Bij de sleedoorns bestaan er verschillende typen die afwijken in vruchtgrootte, bloei – en rijpheidtijdstip. Ze komen van de oertijd bij ons voor, zoals blijkt door vondsten van stenen bij archeologische opgravingen.

Tussen haakjes: Wageningen heeft onderzoek verricht naar het gebruik van sleedoorn als onderstam. Zij selecteerden een viertal types (uit een vijftigtal variëteiten) die als onderstam positiever (minder grote boom, toch grote vruchten; dit in tegenstelling met de Engelse Pixy, die ook klein blijft, maar waarbij de vruchten eveneens klein blijven) zouden scoren dan de nu meest gebruikte St Julien A.

Myrobolanen of kerspruimen zijn veel recenter in onze streken gekomen. Pas sinds een 100 tal jaar worden ze gebruikt als onderstammen (voor hoogstam pruimelaars) en na het afsterven van het geënte ras groeiden deze verder en verspreidden zich door zaadvorming.(Soms lees ik dat ze ook uitlopers vormen, doch ik heb dit zelf nog nooit vastgesteld.) In Oostenrijk blijken ze al in de 17 de eeuw aanwezig te zijn. De kerspruimen zijn er in meerdere typen. De vruchtkleuren gaan van geel, geelrood, rood tot violetblauw. Er zijn struikvormige van 3 – 5 m en bomen tot 12 m. In hun oorspronggebied in de Kaukasus zijn er bomen met een doormeter van 70 cm. In mijn tuin heb ik er intussen een tiental staan met gans het genoemde scala aan vruchtkleuren en die dikwijls enorm productief zijn, ondanks dat zij erg vroeg bloeien, meerdere weken voor de cultuurpruimen. Ook dit jaar (2010) zijn er sterk dragende bomen, niettegenstaande de zeer late vorst dit voorjaar. Bomen die vorig jaar enorm droegen zitten nu in een beurtjaar. Trouwens, tegen mijn verwachtingen in, is 2010 een zeer goed pruimenjaar, behalve wat de Reine Clauden betreft, die tot de later bloeiende pruimen behoren. Althans in deze streek, de Voorkempen.

Prunus insititia

De wilde pruimensoort Prunus insititia is zeer omvangrijk.

Prof Hautmann spreekt van 3 ondersoorten: Krieche/Kriechele, Zibarte en Sint Julienpruimen. Bij de paalwoningen uit het jongsteentijdperk heeft men stenen gevonden van Kriechele en Zibarte. In de natuur zijn ze nu zo goed als verdwenen. Ze onderscheiden zich enkel door de vruchtkleur van elkaar: Zibarten zijn groen tot geelgroen; Kriechele zijn blauw.

De St Julien kwam tijdens de voorgaande eeuw als onderstam uit Frankrijk. Vooral de St Julien A is zeer bekend als onderstam. Na afsterven van de veredeling heeft de St Julien zich in de natuur verspreid. De St julien heeft vruchten in verschillende kleur en grootte. Bij de St. Julien A zijn deze groen tot groengeel.

De bekendste ondersoorten van de Prunus insititia zijn

- Enerzijds de Reine Claudes of in het Engels Gages.

- Anderzijds de Mirabellen (niet verwarren met de Myrobolanen of kerspruimen, want de gele myrobolaan wordt meestal verward met de mirabelle.)

Primitieve Pruimen

Nog sterker bedreigd zijn de landrassen die men desgewenst tot de wilde pruimen kan rekenen. Een kenmerk zijn de kleine vruchten. Sommige hebben wel iets grotere vruchten.

Primitieve pruimen en landrassen staan op eigen wortel en worden met worteluitlopers vermeerderd.

Toen wij hier in 1962 kwamen, groeiden er twee landras pruimelaars aan de kant van de moestuin, met tamelijk grote, goedsmakende, blauwrode vruchten. In de loop der jaren heb ik tientallen uitlopers uitgedeeld. Ze kregen van mij de naam “Kempische pruimen”. Ook in Brasschaat had iemand dergelijke pruimen. Ik heb nog een ander landras, dat ik meebracht van Leffinge bij Oostende. Opmerkelijk is dat de vruchten in mijn zandgrond een stuk minder groot zijn en ook niet zo goed smaken als de vruchten van de bomen daar, in de zware poldergrond. Daaraan knoop ik ook het feit vast dat uitgeplante uitlopers van die twee moederbomen het duidelijk minder goed deden, wegens onvoldoende verzorging en een grond minder voorzien van voedingsstoffen. De moederbomen aan de rand van de moestuin profiteerden duidelijk van de rijke, bemeste tuingrond. Ik heb nog een derde landras, een pruim uit het Keerbergse, gekregen van Wilfried D'Hondt. Deze pruim heeft de smaak van een goede cultuurpruim en is te vermenigvuldigen met worteluitlopers.

Wilde pruimen komen over gans Europa voor.

Zo zijn er de uitgebreide onderzoekingen van Heinrich Werneck in de 1950tigerjaren in Oostenrijk. Hij vond naast Kriechele en Zibarten nog een ganse reeks landrassen.

Vele dreigen te verdwijnen of zijn reeds verdwenen.

In de fruitverzamelingen komen ze niet of nauwelijks voor. Ook in de genenbank voor fruit werden ze meestal vergeten.

De universiteit van Hohenheim en de T.U. München –Weihenstephan hebben een kleine collectie.

De grootste verzameling van wilde pruimen werd door Peter Schlotmann samengebracht te Lauenburg in Schleswig-Holstein: 420 vondsten van pruimen.

Tot een andere groep behoren de Japanse pruimen. Deze worden tot de soort Prunus salicina (synoniem: Prunus triflora) gerekend. Prunus salicina is diploid (2n = 2x = 16). De vruchten zijn groot en rond, met tamelijk stevig vruchtvlees. Ze worden veel ingevoerd. Japanse pruimen bloeien vroeg, gelijk met de kerspruimen (Deze zouden wel iets meer vorst verdragen dan de Japanse pruim), een maand vroeger dan de Europese cultuurpruimen en lopen daarom meer risico op schade door nachtvorst.

Er bestaan ook soortkruisingen tussen de Japanse pruim en de abrikoos. Deze staan bekend onder de namen Plumcot, Aprium en Pluot.

Eveneens bestaan er soortkruisingen tussen de Japanse pruim en de kerspruim .

Mijn besluit

Toch blijf ik na dit verhelderend artikel met vragen zitten.

Waar plaats ik bv. het blauwe pruimpje dat mijn jeugd verblijdde? Is het een Damast pruim (pruim afkomstig uit het Midden Oosten, Damascus)? Damastpruimen worden gerekend tot de Prunus insititia, net als de Engelse Damsons en Bullaces.

Zijn er nog meerdere landrassen in onze streken te vinden? Waar zijn de kleine, gele pruimpjes die men in meerdere streken tegenkomt te plaatsen? Veertig jaar geleden proefde ik in Halle-Kempen een iets grotere, gele pruim met iets rood, die wellicht eerder een oud landras was dan een kerspruim. Zijn herinneringsbeelden betrouwbaar? Wat zijn en waar plaatst men de kroosjes? Waar zijn de Brabantse, blauwe palokes te plaatsen? Kennissen gaven mij gele pruimen die al vijftien jaar ze goed als onvruchtbaar blijken. Waarom? Enz.

Wat zijn uw bevindingen?

Daniël Willaeys, Zoersel, aug. 2010

Foto’s

1. Small Black Bullace

2. White Bullace

3. Idem

4. Een van mijn vrij goed smakende myrobolanen

5. Gele myrobolaan

6. Mijn donkerbladige , rode kerspruim

7. De MO-Nectar van Georges Cooman, de mooiste pruimen die ik ooit zag en een van de lekkerste.

8. Idem

9. De cultuurpruim die ik als eerste aanraad: een zelfbestuiver, regelmatig vruchtbaar en lekker. Zelfs als er te veel aanhangen is de smaak nog behoorlijk. We oogsten nu de laatste vruchten.



















Verder lezen

Chronologisch verder

Eén bericht net ervoor, en tot twee berichten net erna in het archief.

Open tijdlijn

Nog later

22 augustus 201030

Systeem voor Kiwibessen

Systeem voor Kiwibessen Te Beek in Nederlands Limburg bij Hermens het materiaal gaan ophalen. Het wordt gefabriceerd in Italië door de firma Valente. Met zoon Peter al de palen geplaatst.

Verder lezen

Thema: Kerspruimen.

19 februari 201430

Kerspruim of mirobolaan reeds in bloei

Kerspruim of myrobolaan reeds in bloei De kerspruim/ myrobolaan (Prunus cerasifera) is een van de ouders van de gewone pruimen (Prunus domestica). De andere ouder zou de sleepruim (Prunus spinosa) zijn. De vruchten van deze laatste zijn all

19 mei 200940

De fenomenale Dracht van de Kerspruimen

De fenomenale Dracht van de Kerspruimen De kerspruimen of myrobolanen (Prunus Cerasifera) dragen dit jaar geweldig. De soort is afkomstig uit de Kaukasus en geraakte via de Balkan slechts sinds de jaren 1800 verspreid in West-Europa. Deze s

16 februari 200832

Kerspruimen dit jaar ?

Kerspruimen dit jaar ? Ik schat dat het de vorige nacht hier een 5 tal graden gevroren heeft. En komende nacht zou het nog iets meer vriezen De myrobolanen of kerspruimen, de pruimensoort Prunus cerasifera, waarvan de cultuurpruim, Prunus d

29 augustus 200990

2009 leverde ons een weelde aan Kerspruimen

2009 leverde ons een weelde aan Kerspruimen Kerspruimen of myrobolanen (Prunus cerasifera) zijn iets groter dan kersen. Verleden jaar hadden we er geen (alle bloemen bevroren) en nu een overvloed. De gebogen takken zijn overladen met gele ,

26 maart 201190

Kerspruimen of Myrobolanen (Prunus cerasifera)

Kerspruimen of Myrobolanen (Prunus cerasifera) Ten alle kante staan bij ons al een week de kerspruimen in volle, witte bloesemgloed, de enkele, roze bloeiende niet te na gesproken. De gewone pruimen staan nog met gesloten knoppen. Ook de Ja

29 augustus 200990

Vervolg Kerspruimen

Vervolg Kerspruimen 1 . Vruchten van verschillende kleuren 2. Gele 3. Tweekleurig 4. Zwaar beladen takken rode pruimen 5. 3 bomen 6. Van nabij ronde, rode vrucht 7. Van nabij ovale, rode vrucht 8. Gele 9. Roze

Reacties

Reacties

Bewaarde reacties bij dit bericht, als doorlopende gesprekslaag onder de post.

5reacties

  1. jena

    pruimen

    ik heb prunus trailblazer, daar zit nooit een worm in de vruchten, en moet nooit gespoten worden, nooit geen plagen. hoe zit dat met die vruchten van wilde soorten prunussen en heben die bomen plagen?
  2. Gaardenier

    Landrassen is wellicht een lokale uitvinding?

    Voor zover ik weet bestaat het begrip landrassen, nergens ter wereld, wat betreft het indelen pruimen en pruimachtigen, wetenschappelijk onder te verdelen. Of zijn er dan ook zee- en luchtrassen? Als ik ernstige informatie wil, dan zoek ik die bv bij de USDA en niet bij een of andere schrijver zijn meningen. Of Prunus maritima nu al miljard malen gebruikt is om met andere prunussen eigenschappen te delen, maakt niets uit. De door mij voornoemde Pruimsoorten kan je allemaal terug vinden in wetenschappelijke indelingen in alle bestaande talen, en van land- lucht of zeerassen is daar geen sprake. Het verwonderd me wel dat je afkomt met informatie die zeer subjectief is, terwijl ik je de info doorgaf van het grootste en meest toonaangevend instituut ter wereld. De USDA. Hier voor iedereen die ernstige info over pruimen wil weten: http://plants.usda.gov/java/nameSearch zoek: Prunus Ook hier krijg je degelijke info, zonder zee-lucht en appelblauwzeegroene landrassen. http://www.plantnames.unimelb.edu.au/Sorting/Prunus.html Voor zover ik weet had er nog niemand hier over Prunus maritima enig idee en nu ik ze hier heb staan, gaat iedereen mij er wat wijsheden over verkopen. Ik zal er dan ook niet meer verder op ingaan. Vraag het maar aan de mensen die een centje willen bijverdienen door boekjes samen te stellen met teksten van het internet. Dat zijn de deskundigen dus? Nu goed, er zijn mensen die hun volle vertrouwen geven aan tuiniers die ook boeken uitgeven, en er zijn anderen die liever op wetenschappelijk werk voortgaan. De info die ik je persoonlijk bezorgde kan je als degelijk beschouwen. Mensen die met een titelbladzijde van hun boek als IDicoon , van een Kerskoos schrijven dat het waarschijnlijk over een Prunus cerasifera gaat, die slaan er gewoon met hun pet naar. Daar doe ik niet aan mee.
  3. Daantje

    wilde pruimen

    Ik denk dat het hier een begripsverwarring betreft. Het begrip landrassen heb ik niet uitgevonden. Deze zijn uiteindelijk wel onder verscheidene soorten onder te brengen. Mogelijks zou DNA onderzoek hier verheldering kunnen geven. Wat u vernoemt zijn allemaal soorten. Sommige door u vernoemde soorten zijn wellicht de vrucht van veredelingswerk? De meeste soorten stammen oorspronkelijk uit het wild. Soms onderscheidde men hierin al diverse rassen. Ik heb bv een goed voorbeeld hiervan betreffende de Beach Plum ( A tasty fruit not just for the beach) in Uncommon Fruits for Every Garden, een Amerikaans werk van Lee Reich. Bij de Prunus maritima beschrijft hij 25 cultivars of rassen. Ik weet niet of u kennis hebt van landrassen hier? Het zou mij interesseren. De reactie van Nynke Zijlstra vond ik in dit verband zeer interessant.
  4. Gaardenier

    Zichzelfzelf

    Wat betreft de wilde pruimen vind ik dat je toch wel wat beperkte info geeft. Echte wilde pruimen zijn, o.a.: -Zeepruim (P. maritima) -Zandkers (P. pumila var. besseyii e.a.) -Randpruim (P. emarginata) -Klamathpruim (P. subcordata) -Siberische abrikoos (P. sibirica) Verder wil ik ook opmerken dat bij het benoemen van allerlei pruimkruisingen, het niet verboden is, om duidelijk verstaanbare Nederlandse benamingen te gebruiken, bv: Pruimkoos, Kerskoos, enz.
  5. nynke zijlstra

    pruimen

    Hallo Daniël, De blauwe pruimen uit uw jeugd, zouden dit boerenblauwtjes kunnen zijn? Dit is een prunus-institia-soort, een wortelechte soort, die in nederland vaak bij boerderijen staan. Ook de Eldense blauwe(Early Rivers, prunus domestica), is een kleinere, ronde pruim die iets zuur van smaak is. Zo zijn er ook de enkele boerenwitte pruimen(prunus institia) en de gele kroosjes, die ook veel als onderstam werden gebruikt, als gele smakelijke pruimen. enkele boerenwitte wordt hier ook regelmatig bij boerderijen aangetroffen, gele kroosjes zien we niet veel meer maar worden bij de batterijen in ochten verkocht. Hier in noord nederland hebben we ook nog een ander soort prunus institia, die ook wortelecht zijn, de wichter. Ze zijn smakelijk, vormen een zeer dichte boom met een zeer grote opbrengst, en zijn ook naast vele boerderijen te vinden. Mocht u interesse hebben in deze soorten, dan kan ik u natuurlijk aan een stekje en/of enthout helpen. Gelieve dit stukje niet in uw blog plaatsen;-) Vriendelijke groeten en tot in september, Nynke