19 oktober 2007 · 00:45 · door Daantje
SANTANA
1 beelden 0 reacties
Santana
Een tijdje terug mijn eerste Santana’s geoogst op een 4 jaar terug omgeënte boom. Best aantrekkelijke, rode appelen.
De smaak valt danig mee: lekker, goede zoet-zuur verhouding, veel sap.
Santana is in 1978 ontstaan uit de kruising Elstar x Priscilla door PRI (Plant Research International; onderdeel van Wageningen Universiteit en Research). Het nieuwe ras werd in 1996 in de handel gebracht.
Santana is een tegen schurft enkelvoudig resistente appel. De resistentie berust op een gen van de sierappel Malus floribuinda. Er waren al berichten van doorbreking van deze resistentie. Biofruittelers planten dit ras aan naast Topaz, een ander resistent ras en een goede bestuiver voor Santana.
In Nederland is dit een veel bekendere appel dan bij ons.
Een tijdje geleden kwam het ras in de belangstelling na het bekendmaken dat mensen die allergisch reageren op appels vaak wel Santana-appels kunnen eten: onderzoek heeft uitgewezen dat driekwart van hen geen klachten krijgt.
De groei van de boom is sterk en deze vormt lange takken. De volle bloei valt in de eerste week van mei. Voor een goede bestuiving moet een ander ras bijgeplant worden. Dit kan o.a. Topaz (ook schurftresistent) of een sierappel zijn.
Het is een iets gestreepte tot donkerrode appel op geelgroene ondergrond. De rijpe vruchten hebben na bewaring een vettige schil. De rijpe appel heeft een friszure en aromatische smaak. Het vruchtvlees is vrij hard, knapperig en sappig. Pas vanaf half oktober is de appel te eten, maar in het begin nogal zuur. De appel is onder speciale bewaaromstandigheden te bewaren tot eind februari. Tijdens bewaring zeer gevoelig voor klokhuisbruin en matig gevoelig voor vruchtvleesbruin.
Ziekten en plagen
Santana is schurftresistent, weinig vatbaar voor vruchtboomkanker, maar zeer vatbaar voor meeldauw en daardoor gevoelig voor netvormige verruwing.
