25 juni 2015 · 00:00 · door Daniël Willaeys
Het verdronken Land van Saeftinghe
3 delen 27 beelden 0 reacties
Deel 1 van 3 · 25 juni 2015 · 00:00
Het verdronken Land van Saeftinghe
Met KVLV (21/06)
Het verdronken Land van Saeftinghe werd voor mij een openbaring. Gidse Carla wist ons (29) allemaal te boeien. Eerst een algemene uitleg, nog eens de voorwaarden herhaald, o.a. een goede fysiek, botten, droge kleren voor daarna en een wandelstok. Ik kon voor de eerste maal echt gebruik maken van het geschenk aan de pater familias door COZOEGO Kameroen.
We vertrekken voor een wandeling van 3 uur om 11u uur, dat is 1uur voor laag water die dag. Dan is er meer reservetijd tegen dat de vloed opkomt. Bij springtij betekent dat een watermuur van 4,5 m. Enkel de hoogste plaatsen blijven droog.
Je mag enkel op stap met een ervaren gids die het terrein en zijn voortdurende veranderingen goed kent. Al bij de eerste ploeterschreden in de modder wijst Carla de bruin-blauwe verkleuringen aan van diatomeeën, eencelligen. Ze brengen zuurstof in de lucht.
Het water is brak, met een zoutgehalte tussen 1 en 10 gr per liter
Rechtzetting zoutgehalte zeewater
Het zoutgehalte wordt uitgedrukt in gram per liter. Dus geen % maar ‰ (duizendste).
Zeewater bevat een goede 30 gr per liter.
.
Er wordt gewezen op lamsoor. We proeven zeekraal, zeeaster en Lepelblad. Dit laatste werd ook gekweekt bij Kaap de Goede Hoop en gedroogd meegenomen tegen scheurbuik op de zeilschepen die soms heel lang onderweg waren.
We moeten opletten voor smalle geulen. Er zijn al beenbreuken gebeurd bij personen die er in vielen. Nu en dan moeten we een slenk oversteken. Zaak is niet te talmen, want je kan nog dieper wegzakken. Je botten zuigen letterlijk in het slijk. De korte botten van een paar meisjes volstaan niet. Je hebt ook goed aansluitende botten nodig, want anders schiet je been eruit. Mijn soepele, hoge, goed aansluitende ‘Aigles’ kwamen goed van pas. Een paar keer kwam de modder tot tegen de boord, maar geen water erin. Er waren meerdere hilarische momenten.
We zien nog de knolletjes van de zeebies die door de ganzen worden gegeten. Op een plek wijst Carla op kleine gaatjes in de bodem door een soort zeer kleine garnaaltjes. We zien de koeltorens van Doel eens naast ons en dan weer achter ons. En dan weer vanuit een andere hoek. We lopen blijkbaar een erg kronkelende pas.
De terugweg loopt over een brede, zandige geul met hier en daar een plas, goed om de modder van de laarzen te spoelen. Op het zand heb je vaste voet. Een eind verder zien we een boot in de vaargeul naar Antwerpen. We komen een brok uitgespoeld veen of turf tegen en wonder boven wonder er is nog een stuk berkenschors te herkennen na wellicht duizenden jaren begraven te zijn geweest. Als we dichter bij de hoge ringdijk komen volgen we de vluchtdam met sporen van de koeien die een kraal hebben dicht tegen de ringdijk. We passeren de boer die op zoek is naar een in de schorre verdwenen koe. Er staat zelfs een ladder om te beklimmen voor een beter overzicht. Dan is het nog een stuk wandelen op de ringdijk tot aan het Bezoekerscentrum. We zijn een goede 4u op pad geweest.
FOTO’S
Aankomst
Natuurgebied Saeftinghe
Op stap met Carla
Kaart
We staan op zand
Idem
Carla
Leven in de bodem: diachomeeën
Ean slenk dwarsen
Deel 2 van 3 · 25 juni 2015 · 00:00
VERVOLG
De Groep
Idem
Zeekraal, een gezonde, zoute lekkernij
Weer een slenk
Ploeteren
Idem
Lepelblad
De kleine, speciale garnaal. Piepkleine gaatjes in de bodem verraden zijn aanwezigheid
De groep
Deel 3 van 3 · 25 juni 2015 · 00:00
VERVOLG 2
Groep
Geul
Groepsfoto
Knolbies
Botten spoelen
Turfblok met herkenbare berkenschors
We verlaten de brede arm en gaan naar de rijksdam. Men heeft er stenen voor gebruikt,want eerst overwoog men inpolderen.
We komen aan de ringdijk
Kaart: We dwarsten o.a. de Rotte Geul en kwamen terug over een uitloper van de Ijskelder om dan via de Rijksdam (Aangeduid met stippellijn) naar de hoge ringdijk te gaan.
